Ingenieur
Interview

Bedachtzaam en accuraat vertelt Johan Opsomer over zijn job als ingenieur in de Haven van Brussel die hij na 17 jaar nog altijd met evenveel engagement en overtuiging doet. Net zoals heel wat van zijn collega’s houdt hij van het kanaal, vanwege de bedrijvigheid die er heerst, maar ook door de geschiedenis die het vertegenwoordigt en de omliggende natuur.

Het is een fijne gedachte dat wat ik doe samen met mijn team een verschil maakt

Laarzen en een waterdichte jekker maken deel uit van de spullen die altijd in de koffer van zijn auto liggen en gelukkig maar, want de dag dat we hem opzoeken voor dit portret langs het kanaal te Anderlecht, komt haveningenieur Johan Opsomer aan in de gietende regen.

Zijn taak is veelzijdig en speelt zich niet alleen af op kantoor, maar net zo goed op en rond het water, afhankelijk van de noodzaak van de dossiers. “Mijn job bestaat inderdaad uit het onderhoud van het kanaal”, beaamt hij. “Dat betekent dat ik moet voorzien en opvolgen welke werken er wanneer dienen te gebeuren en hoeveel ze gaan kosten.” Ook onderdeel van zijn functie zijn het opstellen van  de lastenboeken, de aanvragen van de vereiste toestemmingen voor de geplande projecten en de opvolging van de aanbestedingen tot en met de oplevering, in samenwerking met alle betrokkenen: de directie, de kapiteinsdienst, de collega’s, de uitvoerders, zoals aannemers, studiebureaus en controleurs, en veiligheidscoördinators.

Naast de preventieve acties, welke ruim op voorhand gepland en uitgevoerd worden, zijn er ook nog de onvoorziene onderhoudsproblemen  die zich voordoen. “Dat kan gaan van verzakkingen tot aanvaringen, bolders die afbreken, schadedossiers, enz. Aangezien de haveninstallaties uitgebreid zijn, is er geen gebrek aan allerhande verschillende problemen die zich jaarlijks voordoen en waarvoor er continu oplossingen gezocht moeten worden. Dit is misschien betreurenswaardig, maar houdt het uitdagend, boeiend en nuttig, aldus Johan.

Je werkt met mensen samen, dus die moet je mee hebben, zodat je op elkaar kunt rekenen

Het verschil maken

Hij studeerde burgerlijk ingenieur met specialisatie werktuigbouwkunde en elektrotechniek aan de KU Leuven en hoewel hij in Antwerpen woont, werkt hij sinds 2006 in de Haven van Brussel. “Ik werk op de Technische Dienst, bij de divisie infrastructuur, meer bepaald voor de watergerelateerde onderhoudswerken. De Haven van Brussel  is een voor de hand liggende habitat voor ingenieurs”, legt hij uit.

“Ondertussen ben ik er bijna 17 jaar. In de loop der tijd is mijn werk enigszins geëvolueerd: er komen altijd nieuwe dossiers bij en alles is veel digitaler geworden, een fenomeen dat nog versterkt is sinds corona. Wie administratie zegt, zegt procedures; en in de technische dienst gelden meer specifiek de aspecten van wetgeving van overheidsopdrachten. Dit vraagt een specifieke aanpak van de ingenieur, naast het technische gedeelte. De ingenieur moet goed vertrouwd zijn met lastenboeken.

En natuurlijk zijn bepaalde technieken veel moderner geworden dan toen het kanaal en de kunstwerken die nu nog actueel zijn, gebouwd en in dienst werden genomen (1930). Maar het kanaal is nog steeds het kanaal en de installatie is fundamenteel niet veranderd: sluizen en bruggen moeten nog steeds onderhouden worden, het kanaal moet nog steeds gebaggerd worden zodat het bevaarbaar blijft en schepen kunnen laden en lossen en de handel kan blijven draaien.”

Het leukste aan zijn job vindt hij de gevarieerdheid van de functie-inhoud. “Ik hou ook van de autonomie die mijn functie mogelijk maakt en de verantwoordelijkheid die ik draag. Het is een fijne gedachte dat wat ik doe samen met mijn team en mijn collega’s een verschil maakt: voor de klanten van de haven, voor de schippers, maar ook voor iedereen die de haven nodig heeft.

Toch is zijn taak als haveningenieur niet altijd even makkelijk: “Je bent met fysieke zaken bezig, je bent geen roman aan het schrijven. Om te beginnen werk je met mensen samen, dus die moet je mee hebben, zodat je op elkaar kunt rekenen. En je krijgt te maken met een infrastructuur die gekenmerkt wordt door een zekere geschiedenis: daar moet je rekening mee houden, net zoals met de beperkingen van het kanaal.”

Een beetje natuur en geschiedenis

Als ingenieur en ervaren havenkenner ziet Johan een aantal belangrijke uitdagingen voor de toekomst: “Natuurlijk moet de haven werken aan haar stedelijke integratie en compatibel zijn met het omliggende stedelijke weefsel. Verder speelt ook de milieuproblematiek, maar die geldt voor iedereen”, aldus de burgerlijk ingenieur. Hij verwijst naar de noodzakelijke transitie van brandstoffen naar andere energievormen. “Tegelijk moeten we ons zeer concreet afvragen hoe we omgaan met de klimaatopwarming, met de periodes van droogte en extreme neerslag die ze veroorzaakt”, zegt Johan. “In Brussel zijn er dit jaar ondanks de extreme weersomstandigheden van afgelopen zomer geen problemen geweest, omdat de haven samen met een aantal gewestelijke partners maatregelen neemt om dit te counteren, onder ander door de installatie van pompen op het kanaal die worden onderhouden of door de bassins met bufferwater van de Meren van l’Eau d’Heure.”

Over water gesproken: vanwaar zijn fascinatie voor het kanaal? “Ik hou wel van de natuur”, glimlacht hij. “En daar staat het kanaal toch ook voor: er zwemmen vissen in, er wonen vogels rond, en mensen . Het is een habitat van een uitgebreide fauna en flora: boeiend, toch?”. Hij komt er dan ook graag wandelen en fietsen: “Je kunt heerlijk aangenaam doorgaan naast het kanaal met een beperkt aantal  stoplichten”, grapt hij. Maar vooral heeft hij iets met de geschiedenis van het kanaal: “Daar ligt mijn interesse. Ik vind het geweldig om erover te lezen en zo altijd nieuwe dingen te weten te komen.”